< < < TERUG


Voorganger: Ds. A.T. Huijser


Gereformeerde Gemeenten - Rijssen-Noord

zondag 10-5-2026





Tekst: Kolossenzen 3 : 1
Thema: Het ware opstandingsleven
1. Is ontvangen uit Christus (vs. 1a)
2. Is gericht op Christus (vs. 1b-3a)
3. Is verborgen met Christus (vs. 3b)


Kolossenzen 3 : 1
1: Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechter [hand] Gods.
2: Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn.
3: Want gij zijt gestorven, en uw leven is met Christus verborgen in God.
4: Wanneer [nu] Christus zal geopenbaard zijn, Die ons leven is, dan zult ook gij met Hem geopenbaard worden in heerlijkheid.
5: Doodt dan uw leden, die op de aarde zijn, [namelijk] hoererij, onreinigheid, [schandelijke] beweging, kwade begeerlijkheid, en de gierigheid, welke is afgodendienst.
6: Om welke de toorn Gods komt over de kinderen der ongehoorzaamheid;
7: In dewelke ook gij eertijds hebt gewandeld, toen gij in dezelve leefdet.
8: Maar nu legt ook gij dit alles af, [namelijk] gramschap, toornigheid, kwaadheid, lastering, vuil spreken uit uwen mond.
9: Liegt niet tegen elkander, dewijl gij uitgedaan hebt den ouden mens met zijn werken,
10: En aangedaan hebt den nieuwen [mens], die vernieuwd wordt tot kennis, naar het evenbeeld Desgenen, Die hem geschapen heeft;
11: Waarin niet is Griek en Jood, besnijdenis en voorhuid, barbaar [en] Scyth, dienstknecht [en] vrije; maar Christus is alles en in allen.
12: Zo doet dan aan, als uitverkorenen Gods, heiligen en beminden, de innerlijke bewegingen der barmhartigheid, goedertierenheid, ootmoedigheid, zachtmoedigheid, lankmoedigheid;
13: Verdragende elkander, en vergevende de een den anderen, zo iemand tegen iemand [enige] klacht heeft; gelijkerwijs als Christus u vergeven heeft, [doet] ook gij alzo.
14: En boven dit alles [doet] [aan] de liefde, dewelke is de band der volmaaktheid.
15: En de vrede Gods heerse in uw harten, tot welken gij ook geroepen zijt in een lichaam; en weest dankbaar.
16: Het woord van Christus wone rijkelijk in u, in alle wijsheid; leert en vermaant elkander, met psalmen en lofzangen, en geestelijke liederen, zingende den Heere met aangenaamheid in uw hart.
17: En al wat gij doet met woorden of met werken, [doet] het alles in den Naam van den Heere Jezus, dankende God en den Vader door Hem.
18: Gij vrouwen, zijt uw eigen mannen onderdanig, gelijk het betaamt in den Heere.
19: Gij mannen, hebt uw vrouwen lief, en wordt niet verbitterd tegen haar.
20: Gij kinderen, zijt [uw] ouderen gehoorzaam in alles, want dat is den Heere welbehagelijk.
21: Gij vaders, tergt uw kinderen niet, opdat zij niet moedeloos worden.
22: Gij dienstknechten, zijt in alles gehoorzaam [uw] heren naar het vlees, niet met ogendiensten als mensenbehagers, maar met eenvoudigheid des harten, vrezende God.
23: En al wat gij doet, doet dat van harte als den Heere en niet den mensen;
24: Wetende, dat gij van den Heere zult ontvangen de vergelding der erfenis; want gij dient den Heere Christus.
25: Maar die onrecht doet, die zal het onrecht dragen, dat hij gedaan heeft; en er is geen aanneming des persoons.